Het hart van opbrengstgericht werken
Algemeen
Opbrengstgericht staat bij scholen en het overheidsbeleid sterk in de belangstelling. Opbrengstgericht werken als term suggereert dat het beter kan met de onderwijsopbrengsten, want anders deden we dat niet. In de praktijk blijkt dat slechts 30% van de scholen opbrengstgericht werkt en dat percentage moet van de minister in de komende jaren sterk omhoog. Dat is nog niet zo eenvoudig. Onderzoek van het ITS en de AOb (mei 2011) laat zien, dat slechts 41% van de scholen een ambitieus klimaat heeft. Hoger die lat! Dat was dan ook de naam van het onderzoek.
In de praktijk heeft opbrengstgericht werken alles met de leerling te maken en juist scholen met veel kinderen uit taalarme milieus zouden zeer opbrengstgericht moeten werken. Opbrengstgericht werken heeft namelijk alles met de kwaliteit en effectiviteit van het onderwijs te maken. De Inspectie van Onderwijs liet echter in 2010 zien dat op scholen met veel kinderen uit risicogroepen de opbrengsten dikwijls veel te wensen over laten, terwijl dit niet nodig is. Bovendien hebben volgens de inspectie opbrengstgericht werkende scholen aantoonbaar betere resultaten. Oud-inspecteur Joop Smits liet in 2011 door onderzoek zien, dat er wel degelijk excellente, zeer effectieve kleurrijke scholen bestaan die gewoon goede resultaten met hun leerlingen boeken. De bevindingen van Smits moeten daarom voor scholen die dergelijke resultaten niet hebben als een uitdaging worden gezien om hun opbrengsten te verbeteren.
Overigens, er zijn meer scholen die erin slagen om als het ware door zeer goed onderwijs de milieukloof te dichten. Een kenmerk van deze scholen is dat ze vinden dat kinderen recht hebben op excellent onderwijs en dat ze werken vanuit de overtuiging dat een school veel voor de kinderen kan betekenen. Bovendien kenmerken deze scholen zich door het ontbreken van een excuuscultuur.
Opbrengstgericht werken is in Nederland een recent fenomeen, maar in de Angelsaksische wereld heeft men hiermee – data driven teaching genoemd - al vanaf 1995 ervaringen opgedaan. Wat laten onderzoeksbevindingen zien? Bij herhaling komt naar voren hoe het lesgeven en leren van de leerkracht de opbrengsten van de school beïnvloedt. Voor het verbeteren van de effectiviteit van het onderwijs is geen factor belangrijker dan de leerkracht effectiever maken. Johnston (2010) stelt heel stellig: Wat er ook in de afgelopen jaren is gedaan om de resultaten van kinderen met zwakke resultaten te verbeteren, er verandert niets als het lesgeven en leren niet verandert en de schoolleiding zich daarmee niet actief bemoeit. Het vermaarde adviesbureau McKinsey (2007) zegt in wezen hetzelfde naar aanleiding van zijn onderzoek naar topscholen: De enige manier om resultaten te verbeteren is het verbeteren van de instructie. Bij het verbeteren van de instructie moeten scholen een weg vinden om te veranderen wat er in de klassen gebeurt.
Kortom: de meest opbrengstgerichte factor in het onderwijs is de leerkracht, maar de schoolleiding moet vanuit haar onderwijskundig leiderschap ervoor zorgen dat de man of vrouw in de groep door goede professionalisering en ondersteuning zijn of haar werk in de komende jaren goed kan doen.
Kees Vernooy